ONDER DIT WERK
Aanpassing was ooit logisch.
Inzicht wordt pas werkzaam als je het kunt ervaren.
Verandering begint in contact.
Wat je hier leert, gaat terug naar je leven en werk.
Onder mijn werk ligt een eenvoudig uitgangspunt. Wij zijn natuur.
We hebben een lichaam, een zenuwstelsel, zintuigen, bewustzijn en een diepe behoefte aan contact. Je ziet als baby voor het eerst scherp op 30 centimeter: de afstand van de borst naar de ogen van je moeder.
In die eerste jaren zijn we nog heel open en daarmee heel vormbaar. We reageren op gezichten, stemmen en nabijheid voordat we daar woorden voor hebben. Zo ontstaan in die eerste jaren manieren om met de wereld om te gaan.
Gedrag zit niet alleen in je hoofd. Het verankert zich in je lichaam en ontstaat in het samenspel van geschiedenis, omgeving, gedachten, gevoelens en contact. Je kunt iets begrijpen en logisch vinden, en je toch schrap zetten zodra iemand dichtbij komt.
Daarom is gedrag voor mij nooit alleen maar woorden. Het zit in adem, houding, spierspanning en blik. In stilte, contact, kou, warmte en wat je lichaam al laat weten.
Veel van wat we nu karakter, stijl of persoonlijkheid noemen, begon ooit als aanpassing. Je leerde in die eerste jaren in je familie en omgeving wat er nodig was. Je werd rustig, sterk, behulpzaam of onzichtbaar. Je ging zorgen, presteren, aanpassen, dragen of je terugtrekken. Omdat dat jouw beste manier was om veilig te blijven of contact te houden.
Die aanpassing kan lang succesvol blijven. Je houdt overzicht, voelt in het overleg precies waar het schuurt en je weet goed te manoeuvreren. Je bent betrouwbaar en mensen zijn gewend om op jou te bouwen. Totdat je merkt dat je steeds verantwoordelijkheden op je schouders hebt die niet van jou zijn. Wat ooit hielp, kan zich later vervormen tot iets wat jou belast. Dan blijf je iets doen dat vertrouwd voelt, terwijl je voelt dat het niet meer oké is.
Misschien zie je dat inmiddels en neem je niet alles meer meteen over. Je zegt vaker dat iets niet van jou is en je kunt beter uitleggen waar de verantwoordelijkheid hoort. Maar zodra de spanning oploopt, sta je toch weer klaar. Je voelt wat er moet gebeuren en je hebt het alweer op je schouders genomen.
De vorm is misschien veranderd. Wat er in het moment gebeurt nog niet.
“Gedrag zit niet alleen in je hoofd. Het verankert zich in je lichaam en ontstaat in het samenspel van geschiedenis, omgeving, gedachten, gevoelens en contact.”
Veel mensen proberen hun leven te veranderen door slimmer te denken, harder te werken, betere plannen te maken of zichzelf strenger toe te spreken. Dat helpt even. Je krijgt meer taal, meer inzicht en meer grip. Maar je kunt veel begrijpen en toch op dezelfde manier blijven reageren zodra er iets op het spel staat. Dan verandert je gedrag, maar nog niet in hoe je je verhoudt tot jezelf, de ander en je omgeving.
Voor mij begint ontwikkeling waar je die verhouding gaat zien en voelen.
Hoe reageer je op spanning. Wat doe je met verlies. Hoe ga je om met verlangen. Waar draag je wat niet van jou alleen is. Waar blijf je trouw aan iets ouds, waardoor hetzelfde steeds opnieuw gebeurt.
Verandering begint wanneer je merkt wat je doet terwijl je het doet. Je ziet dat je gaat aanpassen. Je voelt dat je lichaam zich terugtrekt. Daar komt een fractie tijd vrij. Niet veel, maar net genoeg om niet meteen te doen wat je altijd doet.
Begrijpen opent veel. Een boek, een inzicht of een model kan iets op zijn plek laten vallen. Je kunt precies weten waar iets vandaan komt en toch hetzelfde blijven doen. Ik vertrouw geen verandering die alleen in het hoofd zit. Daar heb ik zelf te veel van gezien.
Daarom neem ik het lichaam zo serieus. Je kiest niet los van je lijf. Je leert ook niet los van je lijf. Als je te weinig slaapt, te veel prikkels binnenlaat of te lang doorgaat, wordt kiezen moeilijker. Dan begint ontwikkeling niet met nog meer begrijpen, maar met merken wat je lichaam al doet voordat jij een keuze hebt gemaakt.
Leren begint pas echt wanneer inzicht ervaring wordt.
Daarom is oefenen nodig. Consequent. Elke keer weer. Ook wanneer het mislukt. Niet meteen uitleggen. Niet meteen oplossen. Niet meteen de stilte vullen. Niet meteen zorgen dat de ander zich beter voelt. In zulke momenten verandert er meer dan in een goed voornemen. Je leert anders reageren wanneer het erop aankomt.
Liefde hoort daar voor mij bij. Liefde is hoe je met jezelf omgaat wanneer het spannend wordt. Of je jezelf verhardt, verlaat, overschreeuwt of kunt blijven bij wat je voelt. Liefde is ook dat je niet weg hoeft bij jezelf om de ander vast te houden.
Waar liefde ontbreekt, wordt ontwikkeling hard. Dan moet je jezelf verbeteren, controleren of corrigeren. Dan wordt een grens een muur. Dan wordt pijn iets waar je doorheen moet beuken. Dan wordt oefenen presteren.
Waar liefde aanwezig is, kun je eerlijker kijken zonder jezelf meteen te veroordelen. Je kunt voelen wat pijn doet zonder erin te verdwijnen. Je kunt een grens vinden zonder het contact op te geven. Je kunt fouten maken en toch blijven leren.
Ik werk met gesprek, lichaam, aandacht, ervaring en oefening. Westerse psychologie, lichaamsgericht werk en oosterse wijsheid helpen mij scherp kijken, maar ze zijn niet het werk. Het werk gebeurt waar je merkt wat je doet, voelt en vermijdt. Waar je oude reactie terugkomt. Waar je iets anders oefent, in een gesprek, in een groep, op je werk of thuis aan de keukentafel.
De vormen verschillen. Coaching, supervisie, wandelingen, reizen, trainingen en programma’s hebben ieder hun eigen ritme.
Maar de ondergrond blijft dezelfde: merken wat je doet, voelen wat daarin op het spel staat en oefenen op het moment dat je oude beweging terugkomt.
Niet alleen hier, maar midden in het leven dat elke dag doorgaat.
We onderzoeken samen wat er speelt en of deze manier van kijken bij je vraag past.