Collectie ‘Aandacht’

aan·dacht zelfstandig voornaamwoord • de • g.mv. ; ca. 1430 ‘be­doe­ling, opzet’ < Mid­del­hoog­duits andāht; 1 het op­zet­te­lijk aan of over iets den­ken, het ver­toe­ven met de ge­dach­te bij iets = be­lang­stel­ling, in­te­res­se, at­ten­tie, op­let­tend­heid, op­merk­zaam­heid.

Berichten

3. Wandelen en het onderbewuste
16. Voor wie jezelf leren kennen en meer koers
17. Jezelf uitdagen buiten het dagelijkse
13. De natuur en het effect op je staat van zijn
19. xxxx